Infuus bij mens en dier

Bij ziekenhuis series zie je het bij spoedgevallen bijna altijd als eerste gebeuren: een infuus plaatsen. Ook bij mensen die opgenomen zijn in een ziekenhuis wordt vaak een infuus aangelegd. En natuurlijk bij iedereen die een operatie moet ondergaan.

Waarom doen ze dat nou eigenlijk? Dat heeft een aantal redenen, en die gelden ook allemaal voor dieren!

Vaatvulling

In ons lichaam hebben we heel veel bloedvaten zitten die er voor zorgen dat er genoeg bloed bij onze organen komen, en genoeg bloed weer terug naar het hart en de longen vloeit.

http://www.youtube.com/watch?v=Z2Of1S2Fl-E&list=PL618ED1DE9F291147&feature=share&index=4

Dat is enorm belangrijk, want onze organen halen zuurstof en voedingsstoffen uit dit bloed om van te leven. Komt er te weinig bloed bij een orgaan, dan kan het flinke schade oplopen. Wanneer gaat dat nou mis?

Shock

Bij een hoop spoedgevallen kan een patiënt in shock raken. Veel mensen denken daarbij aan “geschrokken zijn”, maar als medici het over shock hebben bedoelen ze wat anders. Met shock bedoelen we een situatie waarbij je te weinig vulling in je vaten hebt: (relatieve) hypovolemie (hypo=weinig, volemie=volume). Dat kan komen door

  1. bloedverlies of uitdroging (dus gewoon te weinig vocht om je bloedvaten goed te vullen)
  2. het hart die het allemaal niet meer kan verwerken (de pomp zelf werkt niet meer goed)
  3. de bloedvaten die allemaal ineens wagenwijd openstaan (dezelfde hoeveelheid bloed moet dan ineens verdeeld worden over veel meer bloedvaten)
  4. iets wat grote bloedvaten afknijpt, zodat het bloed ergens opgesloten zit en niet meer meedoet

Als je het met autootjes wilt nabootsen komt het neer op het volgende:

  1. er zijn gewoon minder autootjes op dezelfde weg
  2. er is een lastig knooppunt wat alles ophoudt
  3. na het knooppunt zijn er ineens heel veel kleine wegen waar de autootjes zich over verdelen
  4. een verkeersopstopping zet een hoop autootjes buiten spel

Dat levert gevaarlijke situaties op, want dat bloed (dus de autootjes) transporteert belangrijke zaken, zoals zuurstof en voedingsstoffen. Als de organen dat te weinig krijgen stikken ze dus, of verhongeren ze. Dat kan best snel fout gaan. Het geniepige is, dat je dat meestal pas veel later merkt. Een orgaan als een nier heeft best wat reserve-capaciteit. En als daarvan een gedeelte kapot gaat, merk je daar soms pas wat van als je ineens meer van je nieren vraagt. Of als je, door ziekte, ineens nog een deel kapot maakt. Ook zie je, zelfs als je meer dan je reserve opmaakt, niet altijd direct iets aan de patiënt.

Dat wil je voorkomen. Dus willen we zo snel mogelijk die bloedvaten weer vullen. Dat doe je met infuusvloeistoffen die je, via een infuus, in een patient brengt. Natuurlijk moet dit met beleid. Want als het hart niet helemaal in orde is, moet je die arme pomp niet teveel laten schrikken.

Anesthesie en sedatie

Bijna alle stoffen die gebruikt worden om patiënten te laten slapen, hebben invloed op de bloeddruk.

Direct, door bijvoorbeeld bloedvaten open of dicht te zetten. Door het hart af te remmen.

Maar ook indirect, door het systeem wat je bloeddruk normaal regelt, te ontregelen. In de meeste gevallen doen ze de bloeddruk dalen.

Geïntubeerde hond

Patiënt onder anesthesie met infuus: de braunule zit ingepakt in blauw verband en er zit ook nog een spuitje met wit spul (propofol) op de braunule.

Net als het verhaal over shock hierboven is dat dus riskant: terwijl de patiënt slaapt, kunnen er een aantal organen zijn die te weinig zuurstof of voedingsstoffen krijgen. Vooral een groep van stoffen die door dierenartsen veel gebruikt wordt, de α2-agonisten, zijn hier berucht om. Als je hond of kat met een enkel prikje in slaap is gebracht, dan is de kans groot dat één van deze stoffen is gebruikt.

Het is dus zaak om bij patiënten die onder anesthesie gebracht worden de bloedtoevoer naar de organen een handje te helpen met infuus.

vochtbalans en zoutbalans

Blauwe braunule kat

Zo ziet een braunule in een kattenpootje er uit, zonder de tape en verband

Als je goed ziek bent, kan het zomaar gebeuren dat je niet genoeg vocht binnen kan krijgen door te drinken. Dat kan komen omdat je gewoon niet lekker bent en dus niet wilt drinken. Maar ook omdat je teveel vocht verlies door je ziekte of aandoening. Het is dan fijn als je ondersteund kan worden met infuus, want anders kun je uitgedroogd raken. En dat is gevaarlijk voor alle organen.

Vetstat IDEXX

Het apparaat waarmee we zouten en bloedgassen kunnen meten in bloed in onze praktijk

Ook is er een hele subtiele balans in je bloed met betrekking tot de soorten zouten die er in ronddwalen, de zuurgraad van het bloed en de hoeveelheid eiwitten die er in zitten. Als deze uit balans zijn kan dat ernstige gevolgen hebben. Een hoop van dit soort afwijkingen laten zich heel goed bijsturen met infuusvloeistoffen. Bij Dierenkliniek Culemborg beschikken we over de apparatuur om dit soort afwijkingen te meten en de kennis om er iets mee te doen.

Medicijnen via het infuus

Er zijn een hoop medicijnen die makkelijker toe te dienen zijn als ze direct in de bloedbaan gebracht kunnen worden. Sommige kunnen zelfs niet op een andere wijze worden toegediend. Ook zijn er aandoeningen waar je zo misselijk van bent, dat je mondelinge medicatie simpelweg niet binnen kan houden. Dan is het heel prettig als het toch toe te dienen is.

Boze kat

Lastige patiënt

In de diergeneeskunde is er ook nog een andere reden, die bij mensengeneeskunde wat minder voorkomt: sommige patienten vinden het niet leuk om aangeraakt te worden. Om

deze toch van medicijnen te kunnen voorzien is het dan fijn om een soort van afstandsbediening te hebben. Zo hoef je de hond of kat niet de hele tijd lastig te vallen als hij of zij medicatie moet krijgen.

Ook de stof die voor euthanasiën wordt toegediend (pentobarbital) moet direct in het bloed gebracht worden.

In principe kunnen er ook voedingsstoffen door een infuus gegeven worden. Maar dat wordt maar hoogst zelden gedaan. Het vervelende van vloeistoffen met daarin veel voedingsstoffen is namelijk dat bacteriën daar ook heel graag in groeien. Het is dus heel riskant om te doen.

Dialyse of het diuretisch infuus

Dit is een methode die vooral bij dieren met bepaalde vormen van nierfalen en bij bepaalde vergiftigingen wordt toegepast. Omdat we voor dieren geen dure dialyse-apparaten beschikbaar hebben, en omdat ze niet lang genoeg daarvoor stil willen zitten, moeten we ons behelpen met de filters die de patiënt zelf al heeft: de nieren. Door een overdaad aan vocht te geven met een infuus, onder bewaking, dwing je de patient tot extra urine aanmaken. Op deze manier kan het lukken om bepaalde gifstoffen sneller weg te spoelen.

infuus Onderhuids (SC) of in het bloedvat (IV)

Een hoop, veelal ouderwetse, dierenartsen kennen “infuus” alleen als vocht wat ze onder de huid inbrengen. In sommige gevallen is dat een prima manier, maar

Kat met SC infuus

Voorbeeld van onderhuids infuus

in de meeste gevallen is het onzin. Als een patient vocht echt nodig heeft moet het via de bloedbaan. Vocht wat je onderhuids geeft, wordt maar heel langzaam opgenomen. En bij uitgedroogde patiënten nog langzamer dan bij gezonde patiënten. Daarnaast is de hoeveelheid die je moet geven, om ook maar een deuk in een pakje boter te slaan, enorm.

Ook heeft het bijvoorbeeld weinig zin om na een operatie onderhuids vocht te geven. Zoals hierboven al staat is het tijdens de anesthesie dat de organen te weinig bloed krijgen, niet erna. Mosterd na de maaltijd.

In sommige gevallen is het echter een prima methode: als er verwacht kan worden dat het dier de komende tijd wat meer vocht gaat verliezen dan het gewend is. Dan is zo’n “rugzakje” met extra vocht voldoende.

Of als er geen geld is voor opname met echt infuus, dan is het beter dan niets doen.

de onderdelen van een infuus

Van boven naar beneden bestaat een infuus uit de fles of zak infuusvloeistof. Hierover meer in het volgende paragraafje.

Schematische weergave van een infuussysteem. Linksboven zit in de zak vloeistof. Midden-onder gaat naar de patiënt.

Recovery

Aan de rechterkant een infuusstang met daaraan twee volumepompen. Deze patiënt krijgt op dit moment 27 milliliter infuus per uur.

Daar zit een infuussysteem in waardoor de vloeistof naar de patiënt loopt. Bij ons zit daar in de regel een volume-pomp aan vast, die er voor zorgt dat we precies kunnen regelen hoeveel en hoe snel er vocht in de patiënt komt. Als er echt kleine hoeveelheden van iets gegeven moeten worden, gebruiken we een spuitpomp.

Maten infuusnaalden

Verschillende maten braunules: Geel=cavia’s, kleine konijnen, puppies en kittens Blauw=katten, grote konijnen en kleine hondjes Rose=grote katten, middelmaat honden Groen=grote honden

Dan volgt mogelijk een verlengslang, zeker als de patiënt nog wat bewegingsvrijheid moet hebben.

Blauwe braunule

De braunule in onderdelen. Het bovenste deel zit met het doorzichtige gedeelte in het bloedvat. Het blauwe stuk wordt aan de patiënt bevestigd.

Bij de patiënt aangekomen zit dan een driewegkraantje, om ook dichtbij medicatie te kunnen geven.

En uiteindelijk de braunule, die door de huid en in het bloedvat zit.

vloeistoffen

Welke vloeistoffen zijn er dan allemaal? De keuze is reuze. In onze kliniek hanteren we de volgende stoffen:

  • Sterofundin: eigenlijk eerste keus bij bijna alles
  • Ringer Lactaat: vergelijkbaar met Sterofundin, maar alleen als de lever het goed doet
  • NaCl: wordt niet veel gebruikt, vooral om ingewikkelde zout-correcties te doen
  • (KCl): wordt bij andere infusen er bij gedaan om de zout-balans aan te passen
  • Glucose 5% en Glucose 20%: Bij patiënten met te lage suikergehaltes en om zout-balans aan te kunnen passen van andere vloeistoffen
Sterofundin Iso

Onze meest gebruikte infuusvloeistof

Wat wij niet voorradig hebben, omdat patiënten die dit nodig hebben toch naar de medium- of intensive care moeten van de Universiteitskliniek:

  • Hypertone zoutoplossingen: vloeistoffen met heel veel zouten er in om snel bepaalde correcties uit te kunnen voeren
  • Oncotische oplossingen: vloeistoffen met erg grote molekulen er in om te voorkomen dat teveel vocht uit de bloedvaten treedt
  • Intralipid vloeistoffen: vloeistoffen met vetbolletjes die met name gebruikt worden om gifstoffen die vetoplosbaar zijn weg te vangen
  • Bloedproducten: als patiënten bloedtransfusies en dergelijke nodig hebben

Patiënten die deze laatste groep nodig hebben kunnen wel op onze kliniek gestabiliseerd worden voor transport.